99 dagen voor de start van de Olympische Spelen in Rio de Janeiro praten we met Jolien D'hoore en Jasper De Buyst in Bar Bidon in Gent. Bij het genot van een kopje koffie blikken de Belgische pistiers vooruit op die Spelen.

Jolien, je werd vijfde op de Olympische Spelen van 2012 in Londen. Je verklaarde eerder al dat je in Rio beter wil doen.
Jolien D'hoore: "Ik weet het en ik blijf achter die uitspraak staan. Toen was die vijfde plaats het hoogst haalbare voor mij: ik was nog heel jong, nieuw in het omnium ook. Nu is dat anders. Ik trek naar de Spelen met de ambitie om te scoren. In Londen werd ik verrassend vijfde, maar als ik nu zou zeggen dat ik mik op een top acht, zou dat niet juist zijn en getuigen van weinig ambitie. Ik ga voor top vijf en liefst eindig ik op het podium."

Is dat realistisch? Hoeveel kansen geef je jezelf?
"Het is moeilijk om daar percentages op te kleven, want geluk speelt op de piste ook zijn rol. Alle details moeten goed zitten, alles moet 100% juist verlopen om die medaille te halen. Als ik er echt een getal op moet kleven, geef ik mezelf 20% kans."

Dat is niet zo gek veel.
"Het niveau is enorm gestegen. Je kunt een medaille grijpen, maar net zo goed als zevende of achtste eindigen. Het is niet zoals tijdens de vorige Spelen waar je vier sterke rensters had: nu zijn er acht aan elkaar gewaagd. Dat is veel, hé (lacht), acht dames die kans maken op een medaille. Er zijn enkele nieuwe namen zoals Laurie Berthon, Allison Beveridge en dan zijn er de gevestigde waarden die sterker zijn geworden. Let op, ik heb ook progressie gemaakt, maar zal dat voldoende zijn? Als je de tijden in de chrononummers vergelijkt met die van nu... Dat is ongelooflijk. In de individuele achtervolging bijvoorbeeld rijdt iedereen bijna vier à vijf seconden sneller. De top is veel breder en dat maakt het niet gemakkelijk om die medaille te halen."

Jasper De Buyst valt in: "Dat is ook bij de mannen het geval. In 2012 werd het omnium voor het eerst georganiseerd op de Spelen. Het was nieuw. Je had wel een sterk deelnemersveld, maar nu is het anders. Het puntentotaal van de gouden medaille zal misschien hetzelfde zijn als in 2012, maar daartussen, van plaats twee tot tien, ligt alles veel dichter bij elkaar. Het deelnemersveld is uitgebreid, iedereen heeft zijn trainingsschema's aangepast, iedereen zit in de fitness, ? Het verschil maken is veel moeilijker."

Lees het volledige interview in het juninummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees het HIER online via Blendle.